Door Christa Oosterbaan op 7 oktober 2018

Begroting 2019

Voorzitter,

Vanavond bespreken we de begroting. Nu hebben we vorige maand al uitgebreid de Algemene Beschouwingen gevoerd aan de hand van de Kadernota en is deze begroting 1op 1 diezelfde Kadernota. Dat zal ik dus niet nog eens overdoen.

Ja natuurlijk de begroting is, zoals voorgeschreven door de Provinsje Fryslân, gebaseerd op de meicirculaire van het ministerie van Binnenlandse Zaken.

Wanneer wij deze begroting ongewijzigd vaststellen, zal de provincie hieraan dan ook niet haar goedkeuring onthouden.

Maar ondertussen zijn de cijfers uit de septembercirculaire ons ook bekend en die zijn nu niet bepaald rooskleurig te noemen.

Voor het lopende begrotingsjaar (2018) valt de Algemene Uitkering uit het gemeentefonds meer dan 200.000,- lager uit, dan wij in mei konden verwachten. Voor uw beeldvorming: dat is 2,4% minder van het totaal van deze uitkering. Dit is nogal een fors percentage. Zeker wanneer je bedenkt dat het jaar al een best eind gevorderd is.

Veel, dan niet alle, gemeenten in Nederland worden hiermee geconfronteerd.

Voor het Rijk gaat het om een relatief klein bedrag van 194 miljoen, voor gemeenten is dit een slok op een borrel zo aan het einde van een jaar.

Er is geen mogelijkheid meer om bij te sturen op uitgaven dan wel inkomsten, zo kort voor 1 januari. Veel gemeenten zullen dan ook dit bedrag moeten aanvullen vanuit hun reserves.

De komende jaren is de schatting dat Terschelling gemiddeld 80.000,- minder krijgt uit de Alg.Uitkering.

En dit allemaal in een tijd van economische hoogconjuctuur. Voor de PvdA fractie onbegrijpelijk en we kunnen eigenlijk wel zeggen dat dit raakt aan behoorlijk bestuur vanuit de Rijksoverheid.

Wel allemaal zaken over de schutting kieperen, ook per 1 januari weer, en de uitkering aan gemeenten verlagen.

Wij vragen de portefeuillehouder of er binnen de VFG, dan wel de VNG, al signalen of contacten zijn geweest om de minister aan te spreken op dit onbehoorlijke gedrag? Verder vragen wij de portefeuillehouder om dit aan te kaarten bij VFG en VNG om daarin gezamenlijk als lokale overheden op te trekken richting Den Haag. Is er een mogelijkheid om bijvoorbeeld bezwaar aan te tekenen? Vast niet, maar ik dacht je weet maar nooit. Voor de helderheid, wij bedoelen dan de grote verlaging van de Algemene Uitkering zo aan het einde van dit lopende begrotingsjaar.

Ook vragen wij aan de andere fracties om eventuele lijntjes naar Den Haag (financieel woordvoerders bijvoorbeeld) te gebruiken om dit onder de aandacht te brengen.

Het College stelt voor in een bijgevoegde memo om de OZB met 2,4% te verhogen. Dit percentage is conform het gebruikte indexatiecijfer voor deze begroting.

De PvdA kan zich hierin vinden. Wij vinden dat de OZB in principe jaarlijks met de inflatie gecorrigeerd zou moeten worden. Wij zitten als gemeente Terschelling onder het landelijk gemiddelde met de woonlasten. Dat is mooi en we hoeven natuurlijk ook niet bovenin deze lijstjes te staan, maar we moeten ook niet te veel achter blijven bij de trend. Het is namelijk zo dat het Rijk, bij het bepalen van de hoogte van je uitkering uit het gemeentefonds, uitgaat van een bepaalde waarde aan woningen en daar een gewicht aan toekent. Dit met elkaar vermenigvuldigd geeft een bedrag aan, wat een gemeente zelf zou kunnen innen. Dat wordt gekort op je Alg.uitkering. Wanneer je daar dus ruim onderzit, tref je jezelf dubbel.

Het Rijk gaat ervan uit dat je dit bedrag int, maar dat doe je niet. De korting gaat eraf en je haalt het niet binnen.

De laatste jaren hebben we de OZB niet mee laten stijgen met de inflatie, waardoor dit steeds verder uit elkaar gaat lopen.

Voor de PvdA fractie dus reden om te zeggen: laten we de komende jaren dit gewoon meenemen. Wat wij begrepen tijdens de auditcommissie is dat het gaat om een bedrag van 10-15 per jaar voor een huishouden. Klopt dat?

Ook is in de Kadernota en begroting voorgesteld om de toeristenbelasting jaarlijks met 5 cent te verhogen. Dit zou dan de trendmatige verhoging zijn, afgerond naar ronde bedragen.

Wij begrijpen dit, maar het is wel fors.

De eerste jaren kunnen we zien dat we meer uitgeven aan voorzieningen voor toeristen dan dat wij innen aan toeristenbelastingen. Dus dan kunnen wij dat nog begrijpen. Op langere termijn zien we dat we overhouden, volgens de ramingen dan. Is het dan wel nodig? Of moeten we misschien afstappen van die ronde bedragen?

Ook een nieuwe inning maakt wellicht dat we meer toeristenbelasting ophalen, maar daarop kunnen we niet vooruitlopen.

Verder wordt er in de overzichten verdeling toeristenbelasting geen rekening gehouden met prijsontwikkeling en loonstijging. We begrijpen best dat dit niet over alles kan, maar voor de volledigheid was het hier wel duidelijker geweest. Zeker als je ervan uitgaat over te houden en dat overschot dan (gedeeltelijk) aan de reserve recreatie toevoegt.

Over die reserve recreatie: bij de Kadernota hebben wij hier aandacht voor gevraagd. In de Nota reserves en voorzieningen staat dat er jaarlijks een bedrag van 50.000,- uit onttrokken wordt voor cofinanciering.

Er staat ook in deze nota, dat meevallende opbrengsten toeristenbelasting jaarlijks te bepalen zijn. Door nu alvast in de meerjarenbegroting vanaf 2021 100.000,- jaarlijks toe te voegen, klopt dan niet met onze eigen nota.

Allereerst vinden wij dat alle structurele uitgaven verwerkt moeten worden in de exploitatie.

Daarnaast stellen wij voor om in 2020 en 2021 deze cofinanciering niet te doen, daarna wel weer maar vanuit de exploitatie, waarmee de structurele toevoeging van 100.000,- dan ook niet nodig is en deze te schrappen.

Het saldo van deze reserve blijft dan op peil voor de dekking van eenmalige kosten en het scheelt een ton in de exploitatie voor 2021.

Eventuele meeropbrengsten uit de toeristenbelasting blijven uiteraard toegevoegd worden aan de reserve recreatie.

Wij vragen het College om deze nota eind dit jaar nog voor te leggen aan de raad met aanpassingen, zodat nota en begroting weer corresponderen.

Behalve het twee keer schrappen van deze cofinanciering, is het goed om naar andere uitgaven te kijken.

Ook punten die in het Eilandakkoord vastgesteld zijn en wensen uit het College zullen kritisch bekeken moeten worden. Sommige onderzoeken, waarover al veel gezegd is bij de Kadernota, kunnen creatief benaderd worden. Door bijvoorbeeld inwoners met een bepaalde expertise hierbij te betrekken, of studenten van het MIWB dan wel van andere opleidingen aan NHL/Stenden.

Het locatie onderzoek Hoorn en CNL moet beiden 40.000,- kosten. Wat onze fractie betreft, wordt er een bedrag van 25.000,- besteed aan Hoorn en valt het CNL onder de kosten voor het aanjaagteam. Er ligt al jaren een plan voor die locatie en het is een gemeentelijk stuk grond.

Zo besparen we, éénmalig, 55.000,-

Het uitvoeringsbudget van 35.000,- zou eerst best naar 20.000,- kunnen, waarbij wij nog op willen merken dat het wat ons betreft een aanspreekpunt wordt voor alle eilanders en niet zozeer alleen in buren of buurtverenigingen verband. Niet iedereen op West bijvoorbeeld, hoort bij een buurtvereniging. Dus een uitvoeringsbudget Eilanders bijv.

Het onderzoek polderpaden kan ook wat verder in de tijd geschoven worden, naar bijvoorbeeld 2022.

De actualisatie groenbeheerplan behoort niet bij het Eilandakkoord, dit is al eerder afgesproken.

Ook de doorontwikkeling van het BMC rapport is eerder besloten, zelfs met een amendement daarbij en maakt dus geen onderdeel uit van het Eilandakkoord.

Net als de invoering van de omgevingswet. Dit zou prima passen onder het kopje autonome ontwikkelingen. Deze zaken veranderen niets aan het meerjarenperspectief, maar is wel correcter zo in onze ogen.

Wij hebben vanavond een aantal voorstellen gedaan om te beknotten op de uitgaven, naast het verhogen van de inkomsten. Wij zijn benieuwd naar de reacties van de andere fracties hierover, maar vragen ook het College om nog eens goed naar uitgaven te kijken. Welke zaken zouden eventueel nog vooruitgeschoven kunnen worden of zijn niet écht nodig?

Resumerend: de begroting is gebaseerd op de meicirculaire en als zodanig ook sluitend in het meerjarenperspectief.

Echter: de PvdA fractie vindt het struisvogelpolitiek met onverantwoorde financiële risicos, wanneer wij niet al vooruitkijken en rekening houden met de cijfers uit de septembercirculaire.

Dit was het eerst voorzitter.

Christa Oosterbaan

Christa Oosterbaan

Mijn naam is Christa Oosterbaan. Ik ben geboren in 1976 op West. Na het afronden van de zeevaartschool op Terschelling heb ik een aantal jaren gevaren en ben werkzaam geweest bij een maritiem uitzendbureau. Van 2006 tot 2010 heb ik bij Oerol gewerkt. 

Meer over Christa Oosterbaan